:: thaliaverkade.nl

Op deze stoomwals zit geen achteruit

Dit is de vertaling van het laatste woord van de Russische dorpsonderwijzer Ilja Farber voor de Ostasjkovski-stadsrechtbank in Tver. In de minuten voor zijn veroordeling portretteerde Farber het Rusland van nu op onnavolgbare wijze.

Context: de rechtbank veroordeelde Farber op donderdag 1 augustus tot zeven jaar strafkolonie met extra streng regime wegens het aannemen van steekpenningen. Behalve over de zwaarte van de straf zijn er vragen gerezen over de bewijsvoering en over de werkelijke reden voor Farbers vervolging.

Farber is kunstenaar, vader van drie jonge kinderen en joods. In het dorp Mosjenka (200 inwoners) werd hij onderwijzer en directeur van het cultureel clubhuis. Bij een verbouwing ontstond een conflict en daarop volgde de strafzaak. Meer over het conflict hier.

De vertaling:

Ilja Farber:

“Ik word beschuldigd van het aannemen van steekpenningen ter waarde van 132 duizend en 600 roebel [circa 3.200 euro]. Ha-ha. Er is geen enkel bewijs dat deze steekpenningen er zijn geweest. Maar het wordt me luid en duidelijk gemaakt: op deze stoomwals zit geen achteruit. Ik word hoe dan ook platgewalst.

Tot op heden ben ik onder de indruk van de eis van de procureur aan de rechtbank mij te veroordelen tot 7,5 jaar kolonie met streng regime. Ik begrijp niet – en heb de indruk dat niemand behalve de procureur begrijpt – waarop deze straf is gebaseerd. Ik denk dat de procureur het zelf ook niet begrijpt.

Er is geen rationele verklaring voor deze termijn. In deze zevenenhalf jaar worden mijn kinderen groot. Ik ben van mening dat dit gewoon ondermijning is. Het is een dusdanig bloeddorstige termijn dat zelfs moordenaars waarmee ik in voorarrest zit zich erover verbazen.

Zevenenhalf jaar, dat is een termijn langer dan moordenaars krijgen. Langer dan skinheads, drugshandelaren, overvallers, plunderaars, verkrachters, die soms vijf jaar voorwaardelijk krijgen. Allemaal krijgen zij hun vrijheid eerder terug dan ik. Ik heb het idee, dat er boven mijn hoofd een soort van rood lampje knippert: ‘sociaal gevaar’, waardoor ik niet bij de mensen mag worden toegelaten. Een termijn van zevenenhalf jaar in mijn geval, dat is barbaars. Bovendien zei de procureur zelf voordat hij deze straf eiste, dat ik kinderen heb…”

Iedereen wil wandelen, zwemmen, en niet werken

“De procureur heeft het zichzelf niet moeilijk gemaakt met het doen van zelfs maar een analyse, of met het opstellen van conclusies uit de optredens van de getuigen. Hij heeft gewoon een artikel op Wikipedia gelezen over dat steekpenningen aannemen een kwalijke zaak is. Dat is logisch, omdat het zomer is. Iedereen wil wandelen, zwemmen, en niet werken.

Precies twee jaar geleden was het ook zomer, en ik hield me toen bezig met de verbouwing van een clubhuis. Ik overnachtte er zowat, en wachtte op Gorochov, die materiaal en geld zou komen brengen… [Gorochov was de belangrijkste getuige en heeft volgens de verdediging zelf geld gestolen, tv]

Als de procureur het artikel op Wikipedia niet zou hebben gelezen, dan zou je duidelijk zien dat hij helemaal niets heeft gedaan in dit proces, behalve het voorlezen van de officiële beschuldiging, opgesteld door politie-commissaris Savenkov, waarin grove onjuistheden staan. […] Behalve de aanwijzingen van Gorochov staat er niets in het dossier dat duidt op een misdrijf, door mij begaan. Er is zelfs geen indirect bewijs in de zaak.”

Bandopname met stilte

“Gorochov heeft de rechercheurs een opname van zijn dictafoon verschaft, waarop enkel stilte te horen is, en iemands voetstappen. Maar Gorochov houdt eraan vast dat op deze opname te horen is hoe hij mij 150.000 roebel overhandigt. Maar dat staat niet op de band. En dat bewijs is nergens te vinden. Er zijn geen getuigen van. Maar ik word  halsstarrig van dit misdrijf beschuldigd. Bovendien zegt Gorochov dat hij mij enkele dagen later nog eens 150.000 roebel heeft gegeven. Weliswaar leverde hij daarover geen bandopname met stilte aan…

Met alle woorden over dat het gevaarlijk is om steekpenningen aan te nemen, ben ik het eens.  En ik richt me met die woorden in de eerste plaats tot de procureur. Ik kan ook zonder Wikipedia vertellen hoe gevaarlijk het is om steekpenningen aan te nemen en dat is overtuigender. Het is niet alleen gevaarlijk om steekpenningen aan te nemen, maar ook om jezelf in het geheel niet als mens te beschouwen. Van jezelf afzien en blind adviezen en opdrachten van je leidinggevenden uitvoeren, dat is gevaarlijk. Dat is imitatie van de geblinddoekte Themis in negatieve zin. Voor mensen zonder uniform en voor mensen met uniform is dat absoluut verboden. Omdat de schande exponentieel toeneemt.

En ik schaam me voor ons parket. Ik schaam me voor de procureur. Ik schaam me voor de toeschouwers, voor de rechtbank, voor mijn advocaten.”

Afval van volwassenen

“Weet u, toen ik als onderwijzer op een school in de buurt van Moskou werkte, ging ik af en toe met de leerlingen op pad en ruimden we afval op in het bos. En de kinderen en ik wilden een organisatie oprichten voor het opruimen van afval in heel Rusland en daarna eentje voor de hele planeet.

En elke keer weer schaamde ik me dat het afval dat er ligt is weggegooid door volwassenen. En zo schaam ik me nu ook voor het parket, voor de politie-commissaris, voor de hele Federale Recherche, voor onze staat… Ik schaam me voor hen allemaal, tegenover onze kinderen. Het lijkt me dat elke nette volwassene zich schaamt.

We moeten iets zeggen terwijl we kinderen in de ogen kijken. Kinderen denken over ons nu eenmaal beter dan we zijn. Ik leg het mijn kinderen uit: “Meneren van het regionaal parket willen me 7,5 jaar gevangenis geven.” En nu willen mijn kinderen en mijn leerlingen dat ik vrij kom.

En wat ik dus zou willen, is dat de rechter een keuze maakte ten faveure van de kinderen. Omdat de wensen van kinderen echt zijn en die van de volwassen meneren uit het parket niet echt. Zij willen gewoon hun vergissing toedekken. En die wens is misdadig. Het zou beter zijn als ze vergeving eisten. Ze zouden daarmee een goed voorbeeld stellen aan de kinderen.”

Een Farber-lijst

“Alle deelnemers aan mijn proces gaan de geschiedenis in. Allemaal. Er bestaat zo’n Magnitski-lijst, die de bewegingsvrijheid over de wereld inperkt van misdadigers, vanwege hun wetsovertredingen en die ook hun bezittingen inperkt. Voordat die lijst er kwam moest er eerst een man tot de dood toe gemarteld worden in de gevangenis. Ze hebben mij nog niet tot de dood toe gemarteld.

Ik hoop dat ik niet hoef te sterven voor een Farber-lijst. Maar hoe dan ook zal de naam bekend worden van degene die mijn rechtszaak besteld heeft, die ergens uithangt en zich niet laat zien. Maar hij is er.

Een fout in het eerste proces [Farber is al door een jury veroordeeld tot acht jaar, maar het Hooggerechtshof oordeelde dat de zaak over moest, tv] was dat er een procureur-antisemiet op de zaak werd gezet, die persoonlijke vijandschap jegens mij koesterde en de jury continu wees op mijn afkomst en negen jaar streng regime eiste tegen mij. Ik denk dat het in dit herhaalde proces ook niet de goede kant opgaat.”

Ik wilde het beter maken

“Mijn veroordeling lijkt op die van Navalny [oppositieleider, tv]. En toen ik las over de zaak tegen de jongens van de Moeraszaak [de demonstranten tegen president Poetin die vastzitten sinds het voorjaar van 2012, tv], toen dacht ik, ze veroordelen mij waarschijnlijk ook vanwege die zaak. Omdat dit duidelijk een tijd is in Rusland dat ze diegenen veroordelen, die iets proberen te veranderen.

De jongens van de Moeraszaak probeerden iets te veranderen via volwassenen, door zich tot de macht te richten. Ik probeerde het via kinderen. Zoals ik al heb uitgelegd, was ik onzelfzuchtig in mijn werk voor het clubhuis. Ik wilde het beter maken. Beter voor de kinderen, voor hun ouders, voor gasten die op bezoek zouden komen bij ons op de club.

En ons allen – en mij en de jongens van de Moeraszaak – veroordelen ze stomweg, overduidelijk in een poging ons voor een lange periode weg te stoppen.

Verdrietig. Dit alles zegt iets over een totalitair regime dat ongemerkt is aangebroken.

Dat in gedachten houdend is het wachten op vrijspraak in mijn zaak lachwekkend en naïef. Hoewel ik blij ben, dat dit alles nu in ons land gebeurt, omdat op een bepaald moment een bepaalde zaak de laatste druppel zal zijn, die invloed zal hebben op de perceptie van de wereld, van het leven van de mensen in ons land.

Ik zou heel graag willen dat ze me bij de kinderen lieten, ik zou willen dat het parket en de rechter-commissaris hun verontschuldigingen aanboden voordat ze ontslagen worden en en op een of andere lijst worden gezet waarna ze zelf worden veroordeeld voor hun misdaden. Ik zou willen dat ze allemaal om vergiffenis vroegen. En niet tegenover mij. Tegenover het land. Tegenover de kinderen. Zodat de kinderen zouden zien hoe de sterken om vergiffenis vragen.”

De sterken

“Maar voor nu vind ik het lachwekkend te horen hoe de ME, de procureurs, de rechtbankzaalwachten, de rechercheurs en anderen silowieken, ‘de sterken’,  worden genoemd.

Als kinderen me zouden vragen waarom zij silowieken  worden genoemd, dan zou ik met ironie zeggen: “Het zijn geen silowieken, maar slappowieken [slabowiki], ze zijn bang hun plaats te verliezen, geen onderscheidingen te krijgen, etc. ”

Ze zijn allemaal bang voor het verkeerde. Je moet bang zijn niet volgens je geweten te leven. En in de gevangenis zitten natuurlijk juist zij, en niet wij die onrechtvaardig worden berecht. Wij hebben niks te vrezen. Wij schamen ons enkel. Ook de jongens van het Moerasplein, Navalny, Ofitserov [die samen met Navalny werd veroordeeld, tv] en iedereen die iets van dit leven begrijpt schaamt zich. Hij schaamt zich voor zijn hulpeloosheid jegens de kinderen.”

Kinderen zien alles

“Maar ik denk altijd dat er nog een kans is. Ik weet dat een rechtvaardig vonnis in mijn zaak uitspreken moeilijk is, dat vereist moed van de rechter.  Veel mensen vergeten naar de hemel te kijken, velen vergeten naar hun kinderen te kijken, velen vergeten erover na te denken wat hun kinderen denken.

Niet iedereen denkt eraan dat kinderen alles zien, alles begrijpen en opgevoed worden door onze handelingen. Ik zou willen dat de rechter niet vergat dat de kinderen geloven dat hij genoeg moed heeft om een eerlijk vonnis uit te spreken. Er zijn veel varianten mogelijk.

Er kan een voorwaardelijke straf gegeven worden. Zelfs zevenenhalf jaar kan door de rechter worden vastgesteld als een voorwaardelijke termijn. Er kan een echte straf gegeven worden, maar met uitstel, zodat ik in het vroege stadium – mijn jongste is nog geen drie jaar – in elk geval een paar jaar met hen kan doorbrengen. Er kan een kortere termijn opgelegd worden… Er kan meegeteld worden dat ik al twee jaar in voorarrest zit in de meest strenge omstandigheden die er bestaan.  Met mensen die nog ernstigere misdaden hebben gepleegd dan moord.

Ik heb mijn familie een jaar niet mogen zien. Ze hebben brieven niet doorgelaten. Me in de isoleer gezet. Me steeds weer in een andere cel gezet … Alleen als je schuld bekent, kan de politie-commissaris zelf je een mobieltje geven om met je moeder te bellen. Ik heb geen schuld bekend…

Dat kan de rechter ook in acht nemen en besluiten dat er genoeg met mij is gesold.

Ik vraag om na te denken over mijn woorden. Ze niet als een formaliteit te beschouwen. Ik wist niet of ik überhaupt een laatste woord zou krijgen, dus heb ik het niet voorbereid en al hemaal geen Wikipedia naverteld. Ik zeg wat ik denk, wat er in mijn hart is.”

Zonder benen in de cel

“Ik heb bewust niet gesproken over mijn gezondheidstoestand. Omdat ik in voorarrest zie hoe blinden zich via de trap naar hun cel bewegen, of hoe een mens zonder benen of zonder armen de cel wordt binnengedragen… En dan staan de celgenoten en de hele administratie van de politiegevangenis met hun ogen te knipperen en iedereen begint te discussiëren: waarméé kan hij een misdaad hebben begaan?

Ook heb ik gezien hoe brancards uit de politiegevangenis werden weggedragen en een mens haastig in de wagen werd geladen. Niet omdat hem snel hulp moet worden geboden, maar om er voor te zorgen dat hij niet sterft op het terrein van de politiegevangenis…

Onze gevangenissen zijn volgens een dergelijk principe gemaakt, om de mens te verzwakken, zijn gezondheid uit hem trekken. Ze vernederen mensen of fysiek of met woorden. Dat alles verzwakt zelfs een sterk mens.

En het enige dat sterker maakt, is liefde.

Lang heb ik erover nagedacht waarom dit alles nodig is. En toen heb ik het geraden: onze armzalige macht heeft gevangenissen op deze manier nodig, om er de sterken in op te sluiten. Omdat een sterk mens een concurrent vormt voor deze macht. En met hulp van gevangenissen lukt het de macht om de concurrenten glorieus te bestrijden.”

Aankomen met zo’n achternaam

“Ik denk steeds: waarom ziet de macht mij als concurrent. Ik ben immers directeur van het clubhuis geworden omdat niemand anders dat wilde worden.

In het dorp zeiden enkele mensen tegen me: hoe kun je aankomen met de achternaam Farber in dit dorp en de functie van directeur bezetten en met kinderen gaan werken? De 21ste eeuw stond voor de deur. Ik nam dat natuurlijk niet serieus.

Omdat in het dorp Mosjenka ook andere mensen woonden – de ouders van mijn leerlingen. Ze zijn niet naar de rechtbank gekomen. Omdat ze aan het werk zijn. En rechtbanken – deze mensen hebben het idee dat ze nergens invloed op hebben. Ze hebben een moestuin, vee dat verzorgd moet worden, ze hebben kinderen…

Daarom: als ik lees dat de hele bevolking van Mosjenka tegen me was – dat is niet waar. De kinderen zelf waren niet tegen mij. En de toekomst ligt bij de kinderen. Daarom ging ik met hen afval opruimen. Een kind dat troep opruimt, zal een volwassene niet toestaan om troep te maken.

Over enkele minuten of uren wordt mijn vonnis uitgesproken. Naar ik heb begrepen is het al vastgesteld. Dat ik een laatste woord heb gekregen is slechts omdat men zich houdt aan de formaliteiten.

Ik zou willen dat de rechtbank zich de kinderen herinnerde. Dat kinderen geloven in rechtvaardigheid, dat ze weigeren te geloven in onrechtvaardigheid, dat hun wereld instort op het moment dat onrechtvaardigheid geschiedt.

Ik verzoek een vonnis uit te spreken dat, als het geen vrijspraak is dan toch een vonnis is dat me de mogelijkheid geeft bij mijn kinderen te zijn.

Dankuwel.

En ik wil zeggen dat dit niet mijn laatste woord is.”

Ilja Farber werd op 1 augustus veroordeeld tot 7 jaar en een maand strafkolonie met extra streng regime en een boete van omgerekend 74.000 euro.

Transcriptie te Tver: Novaja Gazeta / Vera Tsjelisjtsjeva
Vertaling (licht ingekort): Thalia Verkade